Ruggenprik (epiduraal)

Bij de ruggenprik spuit de anesthesioloog via een dun slangetje (katheter) verdovingsvloeistof in de ruimte tussen de ruggenwervels:de epidurale ruimte. Hier lopen zenuwen die pijnprikkels van de baarmoeder en de bekkenbodem vervoeren. Als deze zenuwen worden uitgeschakeld, voel je de pijn van de weeën niet meer.Behalve pijnzenuwen lopen in deze ruimte ook zenuwen die de spieren in het onderlichaam aansturen. Na een ruggenprik kan dus ook de spierkracht in de benen tijdelijk afnemen; bovendien ontstaat er minder gevoel in de benen en de onderbuik.

Effect tijdens de bevalling:Het pijnstillende effect wordt bij een epidurale verdoving na 10-20 minuten bereikt.Als het pijnstillende effect is bereikt, wordt het slangetje aangesloten op een pomp, die continu een kleine hoeveelheid verdovingsmiddel toedient. Daarnaast kan je vaak zelf met een druk op een knop, die verbonden is met deze pomp, als het nodig is wat extra verdovingsmiddel geven.Voordelen:Nadat de ruggenprik is toegediend voel je de weeën minder tot zelfs helemaal niet.Door de ruggenprik krijg je rust en kan je weer op krachten komen; door vermindering van pijn en angst kan de ontsluiting dan sneller verlopen.
Nadelen:

  • Er is uitgebreide bewaking van jezelf en het kind nodig. Je  krijgt in ieder geval een infuus, een bloeddrukband, een katheter in de rug die meestal ook op een infuuspomp is aangesloten, vrijwel altijd CTG-bewaking door middel van een elektrode op het hoofd van de baby, een drukkatheter in de baarmoeder om weeën te registreren en soms een blaaskatheter.
  • De kans op ernstige complicaties is zeer gering. Soms kunnen vervelende bijwerkingen optreden die niet ernstig zijn: hoofdpijn, krachtverlies in de benen, jeuk, verminderde blaasfunctie. Deze klachten zijn goed behandelbaar en van tijdelijke aard. Een ernstiger complicatie is een bloeddrukdaling waardoor de baby te weinig zuurstof kan krijgen en soms een spoedkeizersnede nodig is.
  • Je moet gedurende de rest van de bevalling in bed blijven.
  • Bij ongeveer 5% van de vrouwen is het pijnstillende effect onvoldoende.
  • Soms wordt tijdens het persen de hoeveelheid pijnstilling verminderd of stopgezet om het actief meepersen te bevorderen.

Tijdens welke fase van de bevalling:Een ruggenprik wordt bijna altijd toegepast tijdens de actieve fase van de ontsluiting. Tijdens de uitdrijving wordt de hoeveelheid verdoving vaak weer teruggebracht zodat je de persweeen beter kunt voelen.